Oproeping van Monegask in onder vrijwaring toegewezen
Rechtbank Den Haag 13 mei 2015, IEF 14949, (Goeiemode tegen Van Caem Sports)
Procesrecht. Incident tot (onder)vrijwaring. In de oorspronkelijke merkenrechtelijke hoofdzaak [IEF 13702] door Converse ingesteld tegen Van Caem Sports en Goeiemode. Inbreukmakende schoenen zijn door VCS aan Goeiemode geleverd en die laatste roept medegedaagde VCS vervolgens in vrijwaring op. Goeiemode vordert een verklaring voor recht dat VCS tekort is geschoten in de nakoming van haar verbintenissen en dat VCS gehouden is de schade die Goeiemode als gevolg daarvan lijdt, te vergoeden. VCS vordert incidenteel en met succes dat haar wordt toegestaan om de in Monaco woonachtige X, eigenaar van eenmanszaak EN-S Sports, in vrijwaring op te roepen. Dat de voortgang van de hoofdvrijwaringsprocedure in gevaar kan komen, en daardoor mogelijk ook gelijktijdige behandeling met de hoofdzaak, vormt geen reden om de gevorderde onder vrijwaring af te wijzen.
4.1. Een vordering tot oproeping van een derde in (onder)vrijwaring is in beginsel toewijsbaar indien men krachtens een rechtsverhouding met die derde recht en belang heeft om de nadelige gevolgen van een ongunstige afloop van de hoofdzaak geheel of gedeeltelijk op deze derde te verhalen. VCS heeft voldoende gemotiveerd en concreet gesteld dat zij, indien de beslissing in de hoofd(vrijwarings)zaak voor haar nadelig zal uitvallen, geheel of gedeeltelijk verhaal heeft op X.
4.2. Het verweer van Goeiemode dat de vordering tot ondervrijwaring dient te worden afgewezen, indien deze het risico meebrengt dat de oorspronkelijke hoofdzaak niet meer gelijktijdig behandeld zal kunnen worden met de (hoofd)vrijwaringszaak, treft geen doel. De rechtbank streeft ernaar om de oorspronkelijke hoofdzaak en de hoofd(vrijwarings)zaak om redenen van proces-economie gelijktijdig te behandelen. Op voorhand kan evenwel niet worden uitgesloten dat zich omstandigheden voordoen waardoor van gelijktijdige behandeling moet worden afgezien. Het door Goeiemode bedoelde risico kan op voorhand evenmin worden uitgesloten. Deze enkele omstandigheid vormt naar het oordeel van de rechtbank echter geen reden om de gevorderde oproeping in (onder)vrijwaring thans af te wijzen, zodat het VCS zal worden toegestaan X in ondervrijwaring op te roepen.
Procesrecht. Merkenrecht. Verzoekster Youssef Hassan is sinds januari 2011 licentiehoudster van KBT & Co. Ernst Kruchen agenzia commerciale sociétá (KBT) die houdster is van het gemeenschapswoordmerk „
Uitspraak ingezonden door Landine Varela,
Voss of Norway ziet het door haar aangevraagde 3D-gemeenschapsmerk voor een cilindervormige fles door de Kamer van Beroep afgewezen worden wegens gebrek aan onderscheidend vermogen. Een cilindrisch gevormde fles mist onderscheidend vermogen [Gerecht EU
Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Auteursrecht. A12.it Software is 
LV vraagt Gemeenschapsbeeldmerk aan voor een grijs respectievelijk bruin/beige schaakbordpatroon. Op absolute gronden, vanwege ontbreken van onderscheidend vermogen (ook niet door het gebruik ervan), wijst de nietigheidsafdeling van het BHIM de nietigheidsvordering toe. Er wordt vast gesteld dat LV niet heeft aangetoond dat dit merk onderscheidend vermogen heeft gekregen in de genoemde 11 landen als gevolg van het gebruik van het merk. Het Gerecht EU wijst het beroep af.
Uitspraak ingezonden door Eric De Gryse,
Procesrecht. Merkenrecht. De voorzieningenrechter heeft op grond van de stukken geconstateerd dat een deel van de vorderingen in de onderhavige zaak ziet op de (beweerdelijke) inbreuk op een Gemeenschapsmerk. De GMVo kent speciale ‘rechtbanken voor het Gemeenschapsmerk’ die exclusieve bevoegdheid hebben ter zake van de in artikel 96 GMVo genoemde vorderingen betreffende inbreuk op, en geldigheid van een Gemeenschapsmerk. Op grond hiervan en na het horen van partijen heeft de voorzieningenrechter zich onbevoegd verklaard ten aanzien van voormelde vorderingen. Op de voet van artikel 110 Rv verwijst zij de zaak naar de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag als de exclusief bevoegde rechtbank voor het Gemeenschapsmerk.